Plattelandscafé Westerkwartier
Meer dan 75 mensen, een goede mix van Groningers en Friezen, kwamen op 11 november naar De Vriesche Herberg in Stroobos voor het 4e Plattelandscafé Westerkwartier. Het thema “cultuurgeschiedenis als kans voor streekontwikkeling” bleek een goede keuze. Het bracht de bezoekers een afwisselende, boeiende en inspirerende avond over cultuurhistorie en streekontwikkeling, waarop de WSI als organisator tevreden mag terugkijken.
>>>
Na de muzikale openingsbijdrage van streekartiest Gert Sennema en gedichten in het Westerkwartiers van Willem Tjebbe Oostenbrink zat de stemming er meteen goed in. Jan Oomkes, voorzitter van LAG Westerkwartier, maakte in zijn openingswoord duidelijk dat de gemeenten Leek, Marum, Grootegast en Zuidhorn, nog steeds geld hebben om met hun cofinanciering tal van LEADER-projecten mogelijk te maken. Dit in tegenstelling tot een bericht in de media,
Piet Kuipers, eigenaar van De Vriesche Herberg, zette kort de rijke geschiedenis van dit etablissement uiteen. Daarna volgde Meindert Schroor. Met rake typeringen schetste hij enkele eeuwen streekgeschiedenis van het Westerkwartier en het aangrenzende Friese gebied. Daarbij maakte hij duidelijk dat er door de tijden heen heel wat gebeurd is in deze gebieden. En passant gaf hij diverse tips over wat men kan doen om identiteit, cultuur en toerisme te versterken. Hierna sloeg Gert Sennema aan de hand van SWET een brug tussen cultuurhistorie en samenleving. Hij benadrukte dat het gebruik van de streektaal belangrijk is. Het versterkt de identiteit en is een belangrijke drager van het imago van de streek. De pauze werd zoals altijd goed gebruikt voor het leggen van nieuwe en het verstevigen van bestaande contacten en het uitwisselen van ideeën. Men raakte niet uitgepraat, wat de behoefte aan dit soort bijeenkomsten nog eens onderstreept.
Na de pauze kwamen twee voorbeeldprojecten aan bod. Taetske van Dalen van Landschapsbeheer Friesland belichtte het project ‘Oude Paden/Nieuwe Wegen’. Zij beschreef hoe zo’n 5500 oude paden, in totaal 400 km, in de hele provincie Friesland op de kaart zijn gezet en voorzien van informatie en historische verhalen. Aansluitend zette Edward Mackenzie van De Kwartiermakers uiteen hoe in het project ‘Werkelijk Westerkwartier’ de ‘verborgen’ geschiedenis van de streek is blootgelegd, zowel in verhaal als in objecten en sporen in het veld. Met als doel de beleving en de aantrekkelijkheid van het Westerkwartier te versterken. Kees Kreb, ook een van De Kwartiermakers, verbond de bijdragen van de verschillende inleiders en besprak enkele prikkelende stellingen met de aanwezigen in de zaal.
Het plattelandscafé werd wederom georganiseerd door de WSI en gefinancierd door LEADER.

